sperwers

Broedende sperwers in de Noordwest Graafschap.

Sinds 1995 worden in de noordwestelijke Graafschap jaarlijks op systematische wijze sperwers gekarteerd.

De studie vormt een meerjarig project dat het functioneren van een broedpopulatie sperwers in het kleinschalige landschap op zandgrond probeert te ontrafelen.

Het onderzoek wordt gecoördineerd door Stef van Rijn.

Foto: Stef van Rijn

Inventarisatie

In maart en april worden vrijwel alle sperwerterritoria opgespoord en nesten gezocht.

Een groot deel van deze nesten wordt vervolgens vanaf de laatste decade van april tot half mei met enige regelmaat gecontroleerd om nauwkeurig het legbegin per broedpaar vast te stellen.

Rond eind mei worden de meeste nesten nog eens gecontroleerd om de legselgrootte te bepalen.

Vanaf grofweg half juni worden van de geslaagde nesten nestjongen geringd, gemeten en gewogen.

Identiteit

Totaal worden jaarlijks ca. 25-35 nesten onderzocht.

Zowel in de broedperiode als de jongenperiode worden zoveel mogelijk volwassen broedvogels gevangen om hun identiteit vast te stellen.

Een klein deel van de broedvogels kan worden geïdentificeerd op basis van gestempelde ruipennen (vogels die in het seizoen ervoor werden gevangen en waarvan de slagpennen werden bestempeld).

Foto: Stef van Rijn

Foto: Michiel Schaap

Prooiresten

In de pre-broedfase, de legperiode, de broedperiode, de kleine jongenperiode en de grote jongenperiode wordt in sommige jaren intensief naar prooiresten gespeurd om de variatie in ruimte en tijd van het dieet van broedende Sperwers in beeld te brengen (bijdrage Henk Jan Hof).

In de jaren 2006-2008 is hierover een verslag geschreven.

Deze analyse omvat de gegevens van prooiresten van 2.651 prooien uit de jaren 2006-2008.

Gegevens

De gegevens van de populatiestudie worden tussentijds uitgewerkt met als doel beheerders in de regio en andere geïnteresseerden op de hoogte te houden van de voortgang.

Omdat de studie een langjarig karakter heeft is het niet de bedoeling gegevensreeksen uit te werken en analyses te doen.

Tussentijdse analyses zijn reeds in verslagvorm uitgebracht of in lezingen (Werkgroep Roofvogels Nederland, KNNV's en vogelwerkgroepen)​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​.

Foto: Stef van Rijn

Vogelwerkgroep Noordwest-Achterhoek